Nieuwe stijging van staalprijzen verwacht

In het algemeen heerst op de staalmarkt de verwachting dat de prijzen in de loop van het eerste kwartaal van 2022 weer zullen stijgen. Dat schrijft het StaalJournaal in de laatste editie van 2021.

Volgens het StaalJournaal wijzen diverse indicatoren er op dat de neerwaartse prijsontwikkeling op de staalmarkt, die zich voordoet sinds juli/augustus, het dieptepunt bereikt lijkt te hebben.

Herstel ijzerertsprijzen

Zo zijn er fabrieken die zeggen het eerste kwartaal volgeboekt te zijn en die weinig interesse hebben aanbiedingen af te geven. Daar staat tegenover dat er ook weer staalmakers zijn, die nog opdrachten voor productie in februari en maart aan het zoeken zijn en zogezegd 'honger naar opdrachten hebben'. Andere indicaties zijn dat de prijzen van ijzererts enigszins lijken te herstellen en signalen dat de Chinese overheid de economie middels investeringen en subsidies zou willen gaan stimuleren. "Weliswaar zijn die signalen speculatief", aldus het StaalJournaal, "echter groei van de economie betekent altijd ook een groei van het staalverbruik en dus toename van ijzerertsafname. Over de prijsontwikkeling van ijzererts denken insiders erg verschillend en wellicht zullen de prijzen op korte termijn inderdaad instabiel blijven. Feit is echter dat zodra de winter en de Olympische Spelen in China voorbij zijn de staalproductie zeker zal toenemen en daarmee het ijzerertsvolume."

Energiekosten

Bovenop deze en enkele andere ontwikkelingen in China, komen voor de Europese staalmakers ook nog eens de energiekosten, die qua prijzen door het plafond zijn gegaan. Bijvoorbeeld zodanig, dat in het Verenigd Koninkrijk diverse staalfabrieken hun plannen voor decarbonsatie, oftewel de investeringen om de gewenste Co2-reductie te realiseren, mogelijk niet meer zelfstandig kunnen financieren.

Schrootprijs

De volgende indicator is volgens het StaalJournaal de schrootprijs die onveranderd hoog blijft. Door de productietransitie van conventionele hoogovens naar elektrische ovens, die veel fabrieken aan het doorvoeren zijn, is de behoefte aan schroot enorm gestegen, wat gevolgen heeft voor het prijsniveau. Een andere kostenfactor van betekenis is de stijging van de transportprijzen. De schaarste van transportmiddelen, de aangepaste en strengere voorschriften, maar ook het tekort aan chauffeurs, hebben de transporttarieven enorm opgedreven. "Door al deze omstandigheden zullen de EU-fabrieken gedwongen zijn hun af te geven prijzen niet verder te laten dalen, willen ze niet in de rode cijfers terechtkomen", concludeert het StaalJournaal, dat er voor de volledigheid wel bij zegt, dat de prijsdaling die zich in de markt heeft voorgedaan voornamelijk laagwaardige kwaliteit betreft.

"Zodra er van meer hoogwaardige materiaalkwaliteiten wordt gesproken is er zeker ook een daling te noteren, maar die is van een beduidend kleine omvang. Met name Centraal-Europese staalproducenten hebben een ware prijsoorlog veroorzaakt door materiaal extreem laag aan te bieden. Grotere fabrieken bewegen zich met hun offertes op een behoorlijk hoog niveau. Hebben ze te lang gewacht met aanbieden of hebben ze teveel geaarzeld om hun prijzen neerwaarts te corrigeren? Wie het weet mag het zeggen. Feit is echter, dat de historie geleerd heeft dat prijsverlagingen op korte termijn niet leiden tot een verbetering van de vraag. Hooguit wordt daarmee binnen het gezelschap van staalaanbieders de koek anders verdeeld".

Chiptekort automobielindustrie

Bij warmgewalste coils is sprake van een grote prijsdifferentiatie. Hier is de neerwaartse prijsspiraal echter, zoals het StaalJournaal vorige edities al schreef, vooral veroorzaakt door de malaise in de automobielsector. Deze werd vervolgens versterkt door de terughoudende inkoopbereidheid, en mede door de lage importprijzen. Met uitzondering van een enkeling lijken importprijzen inmiddels gestabiliseerd. Dat is niet alleen een gevolg van een gewijzigde koersverhouding Euro versus US Dollar, maar ook vanwege één of meerdere bovengenoemde indicatoren.

Wat de Europese staalmakers mogelijk zal helpen zijn de steeds optimistischer geluiden, die uit de automobielbranche te horen zijn over de naderende oplossing van het tekort aan chips. Nog is onduidelijk wanneer exact dat probleem zal verholpen zijn, maar diverse bronnen spreken over een op zijn minst verbeterde situatie in het 1e kwartaal van 2022. Mocht dit kloppen dan zal de staalbehoefte in die sector spoedig gaan stijgen. Het StaalJournaal tekent daarbij wel aan dat die verbetering van de vraag slechts geleidelijk aan zal zijn en wellicht beperkter dan gehoopt wordt: "Ten eerste moet de aanvoer van de halfgeleiders op gang komen. Ten tweede draait de automobielproductie minder slecht dan door velen wordt geschetst. Immers een minimale productie is bij de meeste fabrikanten wel doorgegaan, maar auto's konden deels niet compleet worden afgeleverd. Veel automakers hebben zich, toen het tekort aan chips ging ontstaan, meer geconcentreerd op de duurdere modellen."

Omnikron-variant

Onzekerheid beheerst de staalmarkt echter zeker. Ongewis is bijvoorbeeld welke effecten het nieuwe coronavirus, de Omnikron-variant, op de economie zal hebben. De onzekerheid in de markt wordt ook versterkt, doordat staalprijzen in China en India vooralsnog geen verhoging laten zien. Dat heeft zeker invloed op het EU-prijsniveau, maar door de importquotes en dito heffingen (Safeguards) zijn hier andere factoren minstens zo belangrijk. Onder andere voorraden bij distributeurs zijn enorm opgelopen doordat veel Europese staalproducenten een inhaalactie gemaakt hebben, levertijden van diezelfde fabrieken zijn aanmerkelijk korter geworden, de beschikbaarheid van Europees geproduceerd materiaal is overduidelijk verbeterd en importmateriaal is meer dan voldoende voorhanden. Bij dat laatste item zet het StaalJournaal in het kader van die Safeguards wel een uitroepteken. "Het wordt immers weliswaar gunstig aangeboden, als we kijken naar de prijzen die genoemd worden, maar de invoerprijs is alleen netto geldig wanneer het volume binnen de toegestane importquote van dat exporterend land valt, zoals die door de EU-Commisie werd vastgesteld. Door de forse hoeveelheid van aanbiedingen en het grote volumeaanbod lopen importeurs het risico alsnog een invoerheffing te moeten betalen die kan oplopen tot 25%. Die onzekerheid weerhoudt veel afnemers ervan contracten voor importstaal af te sluiten."

"Samengevat gaan we met een redelijke mate van onzekerheid over de marktontwikkelingen dit jaar in , maar heerst in het algemeen de verwachting, dat in de loop van het eerste kwartaal een opwaartse prijsontwikkeling plaats zal gaan vinden, waarmee voor de staalproducenten hoop gloort op betere tijden", besluit het StaalJournaal.

BRON: MetaalNieuws

 

Om deze video of embedded content te zien, moet u cookies accepteren.

Pas uw cookievoorkeuren aan

Om deze video of embedded content te zien, moet u cookies accepteren.

Pas uw cookievoorkeuren aan